SGA wordt meestal bij de geboorte ontdekt en vastgesteld, als de baby wordt gemeten en gewogen. Soms is al voor de geboorte duidelijk dat de baby te weinig is gegroeid voor het stadium van de zwangerschap. Dit heet dan IUGR (intra-uteriene groeiretardatie). Voor de veiligheid van de baby worden deze kinderen meestal via een keizersnede geboren.

Is een kind te klein geboren, dan wordt het goed in de gaten gehouden om te zien of ze een spontane inhaalgroei doormaken. Want de meeste klein geboren kinderen, 85-90%, halen hun groeiachterstand vanzelf in. Bij de geboorte weet niemand of dat bij deze baby het geval zal zijn. Daarom moet het kind goed onder controle blijven bij de neonatoloog (arts voor pasgeborenen). Deze moet ook de huisarts op de hoogte stellen dat het kind SGA is.