De volgende gebieden van het lichaam zijn het meest geschikt voor het inspuiten van groeihormoon.

De bovenbenen
In het algemeen wordt in het bovenste buitenste gedeelte van het been gespoten. Het is makkelijk te bereiken. Tevens is de vetlaag daar dik genoeg, zodat eventueel contact met de spier vermeden wordt. Injecteer niet aan de binnenkant van de dij, want dat kan wel pijn doen. Ook lopen daar aan de oppervlakte grote bloedvaten. Dit maakt de binnenkant van het bovenbeen minder geschikt.

NVGG Injectieplaats

De buik
Ook de buik is een goede plek om in te spuiten. Er kan gemakkelijk een huidplooi worden opgenomen.

Rond de navel moet niet worden gespoten, maar verder kan de buik ongeveer vanaf het middel tot een handbreedte onder de navel worden gebruikt. Indien de buik of de benen niet geschikt zijn als injectieplaats, dan kunnen ook de armen (bovenste achterste deel) of billen(bovenste buitenste kwart) als injectiegebied gebruikt worden. Na de injectie blijft er altijd een wondje achter. Dit heeft enige tijd nodig om te herstellen. Het is daarom belangrijk om van injectieplaats te variëren. Door steeds van injectieplek te wisselen wordt bovendien de gelijkmatige opname van groeihormoon bevorderd. Ontwikkel voor uzelf een systematiekhiervoor. Uw arts of verpleegkundige heeft mogelijk een schema dat u daarbij kan helpen. Er bestaan rotatiekaarten waar gaatjes in zitten, met daarbij aangegeven de dagen van de week. Het kind kan dit dan op zijn of haar dij leggen zodat elke dag op een andere plaats wordt geïnjecteerd.

Injecteer nooit in:
– Plaatsen die hard aanvoelen.
– Plaatsen die er rood of blauw uitzien.
– De huid waarop (medicinale) crèmes dan wel medische pleisters zijn aangebracht.

NVGG geschikte injectieplaatsen

Richard en Renate, ouders van Verena (5 jaar)

“We wisselen af waar we Verena injecteren. Gewoonlijk doen we de ene week het ene been en de volgende week het andere. Uiteindelijk is het Verena die beslist in welk been wordt geïnjecteerd.”