Uit wetenschappelijk onderzoek bij groeihormoondeficiënte patiënten, is duidelijk geworden dat door het groeihormoontekort verschillende organen en weefsels niet optimaal kunnen werken. De belangrijkste kenmerken van groeihormoondeficiëntie zijn:

Toename van het lichaamsvet in de buik
Deze vettoename is niet altijd duidelijk zichtbaar, omdat het meeste van dit vet zich in de buik verzamelt. Dit zogenaamde vet in de buik is wel erg actief en heeft allerhande effecten op de suiker- en vetstofwisseling. Deze veranderingen zijn waarschijnlijk van belang in het sneller ontwikkelen van aderverkalking en dientengevolge toegenomen hart- en vaatziekten

Afname van de spiermassa
De lichamelijke conditie is verminderd en dat uit zich in minder lichamelijke activiteit, snel vermoeid zijn, en moeilijker langdurig met zaken bezig kunnen zijn. Tevens is de coördinatie tussen de spieren verminderd, waardoor men onhandiger is in het uitvoeren van fijner werk (de fijne motoriek).

Afname van de botdichtheid
Door de afname in botdichtheid heeft men op latere leeftijd een hoger risico op botbreuken.

Verstoorde zout- en waterbalans
De nieren kunnen water en zouten niet goed vasthouden, waardoor veel lichaamsweefsels te weinig vocht bevatten. Een droge dunne huid kan één van de gevolgen zijn.

Verhoogd vetgehalte in het bloed
Zoals bij toename van het lichaamsvet is beschreven, is een verhoogd vetgehalte nadelig omdat het de kans op hart- en vaatziekten vergroot.

Afname van energie en vitaliteit
Het uithoudingsvermogen, de energie en vitaliteit van groeihormoondeficiënte patiënten nemen af. Daarnaast heeft groeihormoondeficiëntie een grote invloed op de kwaliteit van leven voor de patiënt en zijn familie. Enkele voorbeelden hiervan zijn: weinig zelfvertrouwen, sociale isolatie, angst, concentratiestoornissen, lusteloosheid en terugtrekking uit het arbeidsproces. Het samenspel van deze afzonderlijke kenmerken resulteert uiteindelijk in afgenomen levenslust. Dat dit grotendeels het effect van een groeihormoontekort is, wordt duidelijk na de toediening van dit hormoon. De levenslust lijkt dan weer opnieuw op te borrelen.

Verminderd concentratievermogen en geheugenfunctie
Met de afname van de spiermassa en een verschuiving in de stofwisseling in de hersenen, krijgen mensen met een tekort aan groeihormoon last van afnemend concentratievermogen. Dit verhindert vaak allerlei dagelijkse bezigheden, waardoor er een soort passiviteit zich van hen meester maakt. Het verminderd geheugen maakt ook allerlei handelingen moeilijker, bijvoorbeeld puzzelen of de krant lezen. Deze problemen kunnen tegenwoordig gelukkig goed worden bestreden door het aanpakken van de oorzaak: het tekort aan groeihormoon. Het groeihormoon kan betrekkelijk eenvoudig worden aangevuld