Als de nieren nog maar voor minder dan 10% werken, en er niet op tijd een niertransplantatie kan plaatsvinden, dan moet met dialyse worden begonnen. Dit is een ‘niervervangende behandeling’. De reiniging van het bloed gebeurt dan niet in de nieren, maar door een membraan. Dat kan op twee manieren:

met peritoneale dialyse (buikvliesdialyse);
met hemodialyse (met een kunstnier).

Het principe van dialyse is dat het bloed langs een andere vloeistof stroomt (de dialysevloeistof) met daartussen een membraan. De afvalstoffen uit het bloed gaan door de membraan naar de dialysevloeistof. Zo wordt het bloed schoner. De dialysevloeistof zal regelmatig worden verwisseld.