Hemodialyse vindt minimaal drie keer per week in het ziekenhuis of in een dialysecentrum plaats en duurt ongeveer 5 uur per keer. Hiervoor wordt chirurgisch een catheter of shunt aangelegd. Een shunt is een onderhuidse verbinding tussen een ader en een slagader. De ader wordt daardoor groter en is gemakkelijk aan te prikken voor de dialyse. Hierbij wordt bloed met een dialyseapparaat door een operatief aangebrachte toegang langs een dialysemembraan geleid (de kunstnier) waarbij giftige stoffen en water aan het lichaam worden onttrokken. Tijdens deze behandeling moet de patiënt permanent in de gaten worden gehouden door een arts of een verpleegkundige. Omdat de dialyse niet iedere dag plaatsvindt, moet de dialysepatiënt zich strenger houden aan leefregels zoals een streng dieet (kalium- en eiwitarm) en bij weinig plassen ook weinig drinken. Voor deze vorm van dialyse moet het kind minimaal 6-10 kg wegen, anders zou een te groot deel van het bloed tijdens de dialyse buiten het lichaam zijn.