Normaal gesproken komt een meisje in de puberteit doordat de eierstokken beginnen met productie van het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen. Omdat de meeste meisjes met het Syndroom van Turner geen functionerende eierstokken hebben, hebben ze wat hulp nodig om de puberteit op gang te brengen. Daarom worden ze behandeld met oestrogeen als de puberteit normaliter zou beginnen, en later ook met progesteron.

Meestal gebeurt dit in de vorm van tabletten. De geslachtshormonen helpen het meisje in de puberteit te komen, een vrouw te worden, sterkere botten te ontwikkelen en hartziekten te voorkomen. Wanneer met oestrogeen wordt begonnen en in welke dosering wordt zoveel mogelijk afgestemd op een normale puberteitsontwikkeling, de wens van het meisje om in de puberteit te komen en de leeftijd waarop andere gezinsleden en ouders in de puberteit kwamen.

Bij zo’n 30% van de meisjes met het Syndroom van Turner begint de puberteit vanzelf en bij 5-10% komt ook de menstruatie vanzelf op gang. Maar bij het merendeel van deze meisjes stopt de puberteit ook weer, zodat vrijwel alle meisjes met het Syndroom van Turners toch geholpen moeten worden te ontwikkelen tot een vrouw en een regelmatige menstruatiecyclus te krijgen.

Met oestrogeen- en progesterontabletten kunnen meisjes met het Syndroom van Turner een normale puberteit ervaren.